Algemene beroepsbevolking Veel werknemers hebben last van vermoeidheid. Van de 12.095 werkenden die deelnamen aan het Maastricht Cohort Onderzoek scoort 22% zo hoog op de Checklist Individuele Spankracht (CIS) dat gesproken kan worden van psychische vermoeidheid (Bültmann e.a., 2002). Deze werknemers hebben onder andere een verhoogd risico om door ziekte uit te vallen. Uit het onderzoek komt verder naar voren dat meer dan 3% van de werknemers voldoet aan de onderzoekscriteria voor het Chronische Vermoeidheidssyndroom (Huibers e.a., 2004). Deze laatste cijfers komen overeen met resultaten van het Doorlopend Leefsituatie Onderzoek van het CBS (Houtman e.a., 2000) . Uit dit onderzoek onder 5.231 werkenden blijkt dat bijna 4% ernstig vermoeid is.
Geslacht en vermoeidheid Het vóórkomen van vermoeidheid verschilt niet sterk tussen mannen en vrouwen (Bültmann e.a., 2002). Van de mannen uit het Maastricht Cohort Onderzoek is, afhankelijk van leeftijd en op basis van het afkappunt van de CIS (Bültmann e.a., 2000), tussen de 18 en 23% vermoeid. Bij de vrouwen ligt het percentage tussen 20 en 23%. Onderzoek met de herstelbehoefte schaal bij circa 70.000 werkenden (Van Veldhoven e.a., 1999) laat eveneens zien dat de mate van vermoeidheid na het werk niet verschilt tussen mannen en vrouwen. Wanneer onderscheid wordt gemaakt naar leeftijd en opleidingsniveau blijkt echter dat hoog opgeleide oude vrouwen (>45 jaar) en laag opgeleide jonge vrouwen relatief veel vermoeidheid rapporteren.
Leeftijd en vermoeidheid De relatie tussen leeftijd en vermoeidheid is niet sterk. Van de groep werkenden uit het Maastricht Cohort Onderzoek (Bültmann e.a., 2002) blijken alleen mannen tussen de 46 en 55 jaar (23%) vaker psychisch vermoeid te zijn dan mannen tussen 26 en 35 jaar (18%). Onderzoek met de herstelbehoefte schaal onder 70.000 werkenden (Van Veldhoven e.a., 1999) vindt ook een zwakke positieve relatie tussen leeftijd en vermoeidheid. Oudere werkenden (>45 jaar) rapporteren meer vermoeidheidsklachten dan jongere werkenden (>35 jaar).
Beroep en vermoeidheid Bültmann e.a. (2001) bestudeerden onder 8.521 werkenden uit het Maastrichtse Cohort het vóórkomen van vermoeidheid bij 131 verschillende beroepen. Uit de analyses blijkt dat er meer overeenkomsten dan verschillen bestaan tussen beroepen in het vóórkomen van vermoeidheid. Uit onderzoek met de herstelbehoefte schaal (Van Veldhoven e.a., 1999) worden daarentegen wel aanwijzingen gevonden dat vermoeidheid in bepaalde bedrijfstakken zoals de gezondheidszorg en het onderwijs relatief vaak voorkomt.
« vorige | volgende »
|